Tagarchief: danish oil

Is het een olie of is het een lak?

Dat is een vraag die ik ook best regelmatig voor de kiezen krijg. Een beetje moe van die vraag, vergeef me de bedrijfsmoeheid die af en toe een beetje begint op te spelen, beantwoord ik die vraag dan weleens een beetje pesterig met de tegen vraag:  ‘Wat is dan toch het verschil tussen een olie en een lak’?

Laten we even terug gaan in die tijd. De tijd dat de zorg voor het milieu nog ‘onnodig’ was en roken gezond. De tijd dat de schilder nog gewoon zijn eigen lakken maakte. Met simpele ingrediënten als lijnolie, damarhars, sandarac en colofonium. En als ie lakverf wilde maken dan kwam daar nog een dosis pigment bij. Maar wacht eens….zei ik nou ‘lijnolie’? Jazeker zei ik dat. Een deel van de traditionele LAK bestond uit OLIE! De olie was de verdunner van de gebruikte harsen die er in opgelost waren en om de lak beter te laten vloeien kon er meer olie of terpentijn aan worden toegevoegd. Het mengsel zorgde voor een goede verdeling van die harsen zodat er een mooie gelijkmatige film van harsen op het hout achterbleef.

 

 

 

Later werden de natuurlijke harsen in verven en lakken  vervangen door alkydhars, een hars op kunstmatige basis.  Ik citeer nu even wikipedia: “Naast de eigenlijke alkydhars is er een toevoeging van plantaardige oliën, meestal halfdrogende oliën zoals zonnebloemolie, saffloerolie of sojaolie, soms lijnolie. Lakken met een laag oliegehalte (30-45% van de bindmiddelmassa) worden veel in de industrie gebruikt, met een hoog gehalte (tot 70%) veel als huisschildersverf’

Kun je spreken van een lak, wanneer die lak voor een deel uit olie bestaat? Kun je spreken van een olie wanneer die olie is verrijkt met harsen die een oppervlaktefilm achterlaten?

Zoals je ziet is het verschil olie of lak dus niet zo groot en ik betrap mezelf er op dat ik de verschillen niet zo goed kan uitleggen. Daarom bel ik met diverse grote lak/verf producenten. Ik bel met Sigma coatings, ik bel met Akzo (eigenaar van bijvoorbeeld Sikkens, Flexa, zweihorn en alabastine) en ik spreek met Ron van Zaltbommel (de Cookerije) en allemaal staan me uitstekend en vriendelijk te woord en allemaal vertellen ze bij benadering hetzelfde:

Lak vormt een oppervlaktelaag en olie dringt diep in het hout en vormt geen oppervlaktefilm.

Daarnaast zijn veel gehoorde termen: olie moet je navegen en lak niet en olie is vet en lak niet.

Simpel! Of toch niet?

Natuurlijk. Dat geldt voor lijnolie en tungolie en natuurlijk aan alle verwante merk olien als woca en dumbo etc. Maar ik heb ook een aantal olien in het assortiment die de bovengenoemde definitie tarten en zichzelf een olie vinden terwijl ze weldegelijk een oppervlakte film vormen. Ik noem de parketolie van Borma, de harde meubelolie van Borma (die van borma moet je ook zeker niet navegen) , monocoat olie (navegen gewenst) en de hardwax olieen van bijvoorbeeld osmo (liever niet navegen). Bovendien geeft verbeterde danishoil van de Cookerije  echt een soort van oppervlakte film door de opgeloste harsen in die olie.

 

Nog gekker wordt het met de watergedragen producten als invisible oil, ciranova ecofix woodlook of ciranova oculto. Als olie vet is….hoe kan die dan ooit watergedragen zijn? Olie is toch lichter dan water? Het drijft op water en kan dus niet oplossen in water. Ik laat me door de heren chemici uitleggen dat dat wél kan wanneer je er een stofje aan toevoegt dat dat het water als het ware ‘breekt’ en de olie wèl kan worden opgelost. Vergelijk het met mayonaise. De olie wordt in azijn opgelost doordat er ook eidooier bij in zit. De eidooier fungeert als emulgator en net als bij de mayo heet de watergedragen olie een emulsie. Van pure olie kan hier dus nooit sprake zijn.

 

Is het een olie of is het een lak? Schiet mij maar lek. Ik weet het niet. Tenzij ik de definitie van de heren chemici aanhoudt: Olie dringt in het hout en vormt geen oppervlaktelaag. Lak dringt niet in het hout maar vormt een oppervlakte laag. Maar dan moet ik toch echt een groot aantal producenten gaan vertellen dat ze geen olie, maar lak verkopen…..

Hout moet!

 

 

 

 

Advertenties

1 reactie

Opgeslagen onder Bezinning, Techniek, Uncategorized

Een nieuwe werkbank

Voor de cursus politoeren moest ik in mijn kleine werkplaats ruimte creëren voor twee werkbanken. De combinatiemachine ging naar achteren nadat ie gedeeltelijk was gedemonteerd……Maar ik hád helemaal geen tweede werkbank…..Gelukkig had ik nog wel een zwaar beuken paneel staan dat dienst had moeten doen als keukenwerkblad, maar dat zichzelf blijkbaar een andere taak had toebedeeld. Het blad was gaan torderen en daarom onbruikbaar geworden om als aanrechtblad te dienen. Daarom besloot ik het getordeerde, onbruikbare, beuken paneel te gaan omvormen tot werkbare tweede werkbank voor mijn cursisten. Het werd een kruising tussen een traditionele schoolwerkbank en een festoolwerktafel.

 

Ik wil zware poten hebben van 90×90 mm. Ik zaag dus het blad in stroken 95 mm om iets over te houden als de delen ten opzichte van elkaar wat verschuiven. De dikte van het blad is 45mm en dit 2x maakt ook weer 90mm. Mooi! De poten worden verlijmd. Handig hulpmiddel is een rubber spatel van IKEA om de lijm te verdelen. Na droging worden de poten keurig op 90 mm geschaafd.collagewerkbank 1

Ik wil de werkbank net iets méér geven en dus besluit ik er een mooi stripje wengé in te lijmen op de hoek. Het zijn stripjes van een oude parketvloer. Ik schaaf ze op 4 mm dikte. Dat is precies de dikte van mijn zaagblad. De zaag wordt onder verstek gedraaid zo hoog dat er ongeveer 10 mm diep wordt gezaagd. Daarna worden de stripjes in de gleuf gelijmd en na droging vlak geschaafd en geschuurd. Pas op voor splinters, want wengé geeft lange splinters die gemakkelijk onder je huid of nagels willen verdwijnen en daar behoorlijk kunnen gaan irriteren. Als het spul is gladgeschuurd worden de poten afgekort. Voor mij is dat 780 mm maar dat kun je aanpassen op je eigen lengte.werkbank 2

Nu worden de dwarsregels gezaagd. Ik had al besloten dat het hele circus met pen en gatverbindingen in elkaar kwam en daarom hanteer ik de volgende formule: Ruimte tussen de poten+2x de pootdikte+2x5mm overmaat. Ik kom uit op 900 mm. Ook bij deze regels wordt een strip wengé ingelijmd.

Aan de dwarsregels worden pennen gezaagd met een spatpen. De regels die aan de bovenkant komen krijgen een grotere spatpen waardoor het gat in de poot straks wat lager kan komen te liggen. Hierdoor heb je strakt een sterkere verbinding en loop je niet het risico dat het hout aan de kopkant uitscheurt. werkbank 3

Nu worden de gaten geboord met de langgatboorinrichting. Dwars door de poten heen. Ik wil de verbinding straks onderdeel laten zijn van de vormgeving. Gewoon voor ‘de mooi’. De gaten komen verspringend bovenelkaar zodat de ene pen geen last heeft van degeen die er haaks op komt. Het uitmeten van de plaats waar de gaten komen moet je dus zorgvuldig afschrijven. De gaten worden iets schuin gefreesd zodat een soort van zwaluwstaartgat ontstaat.

Nu kunnen twee pootstellen worden gemaakt. Deze worden vast verlijmd nadat de pennen zijn ingezaagd. In die zaagsnede komt een wigje van wengé die de boel uiteendrijft en het ‘zwaluwstaartgat’ opvult.  werkbank 4

 De regels die straks demontabel zijn, moeten een stuk langer worden gemaakt omdat daar straks ook nog een wig doorheen getikt moet worden. Door de gemaakte pennen komt eveneens een gat dat een fractie schuin loopt. Hierdoorheen komen wiggen van essen en wengé die de twee pootstellen bij elkaar houden. Werkbank 6Voor de regels bovenaan kies ik voor een schuifzwaluwstaart. De staart zaag ik met de cirkelzaag en een pennen hulpstuk.  Het gat voor de staart wordt verder uitgestoken met een beitel.werkbank 7

Het blad wordt gemaakt van een volle betonplexplaat die doormidden wordt gezaagd. Zo ontstaat een blad van 1220 x 1220 mm. Op de bovenste plaat wordt een raster uitgezet. Op de kruispunten word een gat geboord van 20 mm nadat de platen eerst aan elkaar zijn geschroefd. Om die gaten loodrecht door de platen te krijgen gebruik ik hiervoor een bovenfrees met een 20 mm boor. Dat werkt perfect, maar je krijgt er wel een behoorlijke bende van. Werkbank 8In de bladregels wordt met de lamellomachine een aantal gleufjes gefreesd. Met metalen plaatjes die draaibaar zijn wordt het blad zo vastgezet aan het onderstel. werkbank 9Als laatste wordt een rand van 60 mm om de platen verlijmd met lamello’s en lijm. Het beukenhout wordt afgewerkt met een tweetal lagen Danish oil en briwax. Uiteraard kunnen er ook nog bankschroeven aan worden gemaakt, maar dat heb ík niet gedaan omwille van het gewicht. Ik kan deze werkbank zelfstandig in- en uit elkaar halen hoewel het gewicht van het blad toch al behoorlijk fors is.

Houtelijke groet,

Richard

2 reacties

Opgeslagen onder how to, Techniek